Werkbezoek 2008, tweede week
DoorTweede week: van vrijdag 4 april t/m donderdag 10 april.
04-04:
’s Morgens al erg vroeg wakker en ik voelde mij helemaal niet lekker, keelpijn, hoofdpijn en een beetje verhoging. Ik heb tegen acht uur Rogers gebeld om te zeggen dat hij mij niet op hoefde te halen, omdat ik waarschijnlijk later zelf naar school zou komen.
Met tussenpozen om iets te drinken heb ik bijna de hele dag geslapen.
Rogers kwam ’s avonds nog even kijken hoe het mij met ging en nadat ik hem ervan had overtuigd dat het allemaal best meeviel, is hij naar huis gegaan en ben ik weer gaan slapen.
05-04:
Wakker worden op een zaterdagmorgen in ‘t centrum van Kampala, hoe leuk kan iets zijn. Ik voelde me stukken beter dan gisteren. Rogers kwam al vroeg kijken hoe het met mij was en vroeg of ik het vervelend vond als hij een aantal uren naar school ging. Hij wilde nl een aantal zaken regelen, omdat onze reis naar Queen Elisabeth a.s. maandag begint en hij niet zomaar drie dagen op school kan missen. Ik besloot om niet met hem mee te gaan naar school nadat ik eerst netjes had gevraagd of het erg is wanneer ik niet mee ging.
Ik wilde eens lekker de stad in, gewoon een beetje slenteren en eens kijken of er een Internetcafé beschikbaar was.
Nadat ik had beloofd om goed om mezelf te passen is Rogers naar school gegaan en ik de stad in. Da’s het voordeel van in het centrum wonen, ik ben veel zelfstandiger en kan gewoon alleen op pad. Dat Rogers daar nog niet aan gewend was, of het toch niet helemaal vertrouwde was te merken nadat ik twee sms’jes van hem ontving met de vraag of alles goed was. Natuurlijk heb ik daar begrip voor en heb hem een lieftallig sms’je teruggestuurd met de opbeurende tekst dat als hij niet ophoudt, ik met m’n handtas volledig open en m’n ogen dicht de drukste straat van
Plaats genoeg in het Internetcafé en er is ook stroom. Nadat ik had geprobeerd om rechtstreeks op de site te werken en dat niet lukte, besloot ik mijn verhaal als bijlage in een word document naar frnzl te sturen. Ik was bijna klaar en toen verdween alles…….stroom viel weg. Mijn uur airtime was bijna op en tijdens het typen vroeg ik aan een jongen of hij werkzaam was in dat café en verzocht hem mijn airtime met een uur te verlengen. Toen het inloggen niet lukte ben ik naar de balie gelopen om te vragen hoe het dan toch mogelijk is dat ik niet kan inloggen, terwijl een paar minuten geleden iemand van het café mijn tijd had verlengd. Na een kleine discussie met de dame achter de balie realiseerde ik mij dat ik geld had gegeven aan iemand die er gewoon niet werkt. Hier kreeg ik dus een enorme lachbui van zeker gezien het feit dat de dame mij vroeg of ik diegene kon aanwijzen. Tuurlijk kon ik dat niet, ik had niet eens gekeken hoe die knul eruit zag. De medewerkers van het café vonden het zo’n stom verhaal, dat verzint niemand, en dus gaven zij mij een uur airtime. Gelukkig had ik die knul met gepast geld betaald!
Na deze goeie les heb ik boodschappen gedaan en heb mijzelf getracteerd op twee soemboesa’s en een ijskoud blikje cola als de lunch.
’s Middags met een boda boda naar school. Een boda boda is een brommer, de chauffeur brengt je tegen een redelijke prijs, maar onderhandelen is een must. De chauffeurs kennen doorgaans de stad op hun duimpje en da’s best handig.
Op school aangekomen lag er een briefje van Rogers dat hij even weg was, maar dat wij samen die middag toch iets moesten regelen voor onze school. Ik heb ondertussen onze sitemanager en gatekeeper geholpen met de was. Alle sportkleren worden na één maal gebruik goed gewassen. Wat een werk en wat zijn wij toch verwend met onze wasmachines. Toch was het erg leuk om te doen.
Na het wassen was Rogers nog niet terug en ik besloot om met een boda boda naar een andere sloppenwijk te gaan om daar wat oude bekenden te bezoeken. De chauffeur van de boda boda vroeg een erg laag bedrag en ik heb het hem twee keer gevraagd of de prijs niet te laag was. Ik houd van onderhandelen, maar die jongens moeten toch hun brood verdienen. Hij bleef bij zijn lage prijs en ik ben toen maar achterop gestapt. Na ongeveer 10 minuten vertelde de chauffeur dat wij gearriveerd waren en dat ik van de brommer af moest. Ik had werkelijk geen idee waar we waren en raakte een heel klein beetje in paniek. Ik vertelde de chauffeur dat ik absoluut geen plannen had om van die brommer af te gaan en dat het zijn verantwoordelijkheid was om mij naar die plek te brengen die wij vooraf hadden besproken. De chauffeur had geen idee waar ik naar toe moest en ik……….ik wist op dat moment alleen nog maar dat ik in Kampala was.
Waarom belt Rogers nou niet?! Als je hem nodig hebt, belt hij niet. Ik was in een verhit gesprek gewikkeld met de chauffeur en had dus één oproep op mijn telefoon gemist, ja die van Rogers. Voordat ik hem terugbelde heb ik nog enkele pogingen ondernomen om de chauffeur ervan te overuigen dat hij de weg moest weten en niet ik. Het lukte niet echt en heb ik Rogers teruggebeld. Wat hij tegen de chauffeur heeft gezegd weet ik niet, maar het klonk niet erg vriendelijk. Na het gesprek vertelde de chauffeur dat hij nu wel wist waar ik naar toe moest.
Een aantal minuten later belde Rogers weer om te vragen of wij nu wel de goede richting op reden. Ach man, hoe kan ik dat nou weten en heb weer de telefoon aan de chauffeur gegeven. Nu klonk Rogers’ stem erg onvriendelijk en de chauffeur veranderde van richting. Uiteindelijk was het hem duidelijk. Een zucht van verlichting achterop dat brommertje.
Door de vertraging had ik maar weinig tijd voor het geplande bezoek en vroeg de chauffeur om op mij te wachten zodat ik snel terug kon naar de school.
De terugweg was erg kort, ja dat kan ook niet anders want hij had toch een eind om gereden.
Omdat ik zeker wist dat Rogers vóór de school zou staan om de chauffeur nogmaals toe te spreken, heb ik maar gezegd dat ik af wilde stappen bij ons winkeltje. Ik vond het toch wel een beetje sneu voor die jongen en heb hem iets extra’s gegeven. Ook voor hem was het een lange rit.
En ja hoor, daar stond Mutebi voor het hek klaar om de chauffeur te ‘ontvangen’. Ik heb net gedaan alsof ik alles onder controle had…………
Ronald van Serene Excursions was op school om met ons de laatste details van onze reis door te nemen. De beide mannen hebben erg gelachen om mijn goede lessen van die dag.
Rogers en ik hebben samen wat laatste zaken overgedragen aan Jackson en het was al weer donker toen we de school verlieten.
06-04:
’s Middags haalde Rogers mij op en zijn we toch weer naar onze school gegaan. We hadden allebei nog een aantal punten die besproken moesten worden met Jackson, voordat wij op reis gingen de volgende dag.
Aan het eind van de middag zijn we naar Rogers’ moeder gegaan. In tegenstelling tot andere jaren heb ik niet mijn eerste nacht in Uganda bij haar geslapen, dus het was de eerste keer dit bezoek dat ik haar zag. Ook haar buren ken ik en al gauw zaten we met een groepje buiten te kletsen. Rogers weet dat ik me daar op m’n gemak voel en ging ondertussen naar de kapper. Nog even een flesje limonade gedronken met z’n allen en toen ben ik naar huis gegaan.
07-04:
Om half negen ’s morgens kwam Ronald ons ophalen en zijn we richting het nationale park gereden.
De hele dag in de auto gezeten, m.u.v. de rook- en eet pauzes uiteraard. Wat is Uganda mooi! We kwamen langs allerlei dorpjes en tijdens een pauze kwamen er schoolkinderen naar buiten om te kijken wat wij deden. Rogers vertelde mij in het kort hoe hun streekdans eruit zag en heb ik met de kinderen gedanst. Dit is toch in Nederland ondenkbaar.
Bij aankomst in het park liet Ronald ons de kamers zien. Het was de bedoeling dat wij alledrie een eenpersoonkamer zouden krijgen, maar die waren niet meer vrij. Eén tweepersoonskamer en één eenpersoonkamer waren er beschikbaar. Dan ligt het toch voor de hand dat Rogers en Ronald een kamer delen en ik de kleine kamer neem. De eenpersoonskamer bevond zich buiten het gebouw en de toiletten waren een eindje verderop (ook buiten dus) en daar zou ik dan moeten slapen??? Je zult er toch ’s nachts uit moeten en dan geen hand voor ogen zien. Ik durfde dat gewoon niet. Rogers bood nog aan dat als ik er ’s nachts uit moest ik hem gerust kon bellen. Ik heb eerst de grote kamer bekeken en daar stonden twee éénpersoonsbedden met een flinke ruimte ertussen. Die kamer bevond zich in het gebouw en de toiletten waren aan het eind van een verlichtte (!!!!) gang. Nou, de keus was snel gemaakt. Het kon mij echts niks schelen wie er dan bij mij op die kamer zou slapen. Rogers en Ronald besloten dat Ronald de eenpersoonkamer zou nemen. ’s Nachts werd ik wakker en hoorde ik de leeuwen brullen. Toen ik uit het raam keek zag ik ogen schitteren van dieren die daar rondliepen ik weet niet welke dieren het waren. Wat was ik blij dat ik niet alleen in die kleine kamer daar buiten hoefde te slapen, dat zou een erg onrustige nacht zijn geweest, en zeker niet alleen voor mij!
08-04:
Al om half zes uur uit bed omdat om zes uur onze eerste gamedrive begon. Wat een belevenis om de dieren uit de bossen te zien komen om naar het water te gaan en de zonsopgang was zo mooi! De gids liet ons mooie plekken zien en zo nu en dan week zij zelfs van de route om nog meer dieren te zoeken. Opeens zagen wij een leeuwin met twee kleintjes en dat was echt een cadeautje, aldus onze gids. Veel andere dieren gezien en we besloten de gamedrive van ’s middags niet meer te maken. Gisteren op de heenweg naar het park hadden wij nl al veel dieren gezien die vanaf het water hun plekje voor de nacht gingen zoeken en die middag zou een herhaling zijn.
Om tien uur terug op het park en het ontbijt stond voor ons klaar . Ronald had voor ons om drie uur ’s middags een boottocht geboekt en konden we dus een paar uurtjes relaxen. Als ik nou die eenpersoonkamer had genomen had ik daar zeker even gebruik gemaakt, maar nu bleef ik buiten zitten. Ook op het park drie Nederlandse meisjes die ‘onze’ Tamar en Marleen kenden. Daar heb ik een poosje mee zitten praten en het was al weer tijd om naar de boot te gaan. We namen onze tassen weer mee want die nacht zouden wij niet meer op het park verblijven.
De boottocht duurde twee uur en daar heb ik ontzettend van genoten, wat een prachtig land is Uganda. Op het dak van de boot was genoeg gelegenheid om foto’s te maken en ik heb daar meer dan 100 foto’s genomen. Alles vond ik zo mooi. Ik zag beelden die ik tot nu toe alleen nog maar op televisie had gezien.
Na de boottocht hebben wij ruim één uur gereden om naar een guesthouse te gaan, waar Ronald kamers voor ons had geboekt……..dachten wij…..
Geen kamers, het guesthouse was vol. Hoe Ronald het geregeld heeft weet ik niet, maar in no time was er een ander guesthouse gevonden. Daar konden wij drie eenpersoonskamers krijgen. Uiteraard mocht ik in de middelste kamer
09-04:
Al vroeg wakker door het kabaal buiten. De jeep wilde nl niet starten; Ronald en Rogers waren druk bezig om het ding aan de praat te krijgen. Uiteraard kon ik niet helpen (’k zou niet weten hoe) en heb toen maar een kop koffie besteld in het restaurant van het guesthouse.
Koffie………..tja, da’s een moeilijke bestelling. Na ruim een half uur wachten en het drie keer uitgelegd te hebben was het nog niet klaar. Inmiddels hadden Rogers en Ronald de jeep kunnen starten en was Ronald naar een garage gereden. Nadat Rogers, aan de trouwens erg vriendelijke bediening, één keer had uitgelegd dat ik gewoon gekookt water moest hebben met dat blikje Nescafé, was de koffie er snel.
De reis terug naar Kampala verliep goed en snel. Op de terugweg wordt er over het algemeen toch minder gepauzeerd dan op de heenweg, maar op een gegeven moment moet je toch gewoon even naar de wc. Ik heb inmiddels heel veel toiletten in Uganda gezien, maar zo’n vieze… dat was voor mij nieuw.
Ik meldde Rogers dat ik niet van plan was gebruik te maken van zo’n smerige wc, we besloten dan ook door te rijden. Jahaaaaa, in Nederland duurt het dan niet meer zo lang voordat je weer in de gelegenheid bent om naar de wc te gaan, nou op onze route dus wel. Na veel, maar dan ook echt heel veel kilometers vonden we er weer één en die was een heel klein stukje minder vies. Deze wc was zo ’schoon’ dat ik in de haast m’n hele broekspijp heb nat geplast. Stromend water!! Ik had stromend water nodig om die broekspijp schoon te spoelen, maar dat was er niet. Ik durfde ook geen bronwater te gebruiken, want dan zouden die mannen dat zien. Kijk dat je je handen een keer wast met bronwater, da’s niet raar maar je gaat geen bronwater tegen je broek gooien. "Ach het droogt wel weer" en wat kon ik anders?
Tegen half zeven ’s avonds waren we gelukkig weer terug in Kampala en zijn we eerst naar de school gegaan. Daar was alles goed verlopen tijdens onze afwezigheid. Rogers heeft mij naar huis gebracht en kon ik lekker douchen en m’n broek in de was doen.
10-04:
Voordat wij naar school gingen zijn we naar een Universiteit in Kampala gegaan met als doel een contactpersoon te vinden voor Stichting de Volgende Stap. Deze stichting heeft als doel het onderwijs in kansarme gebieden helpen vorm te geven en een bijdrage te leveren aan een brede ontwikkeling van kinderen in die gebieden. Vorig jaar is Marjan van de Volgende Stap bij ons op school geweest. Wat volgt is een onderwijstraject voor onze leerkrachten in samenwerking met een universiteit in Amsterdam en in Kampala. Hier zijn wij natuurlijk erg blij mee. Het zal een onderwijstraject van drie jaar worden op locatie.
In ieder geval Rogers en ik hadden als taak een goede gesprekspartner voor de mensen van de Volgende Stap te vinden en dat klinkt vele malen gemakkelijker dan dat het in werkelijkheid is.
Bij ons derde bezoek die dag hadden we eindelijk diegene te pakken die we nodig hadden en kunnen de professionals van de Volgende Stap aan het werk om de universiteit van Kampala ‘mee te krijgen’ in dit project.
Toen we terug reden naar school zag ik een jongen heel aardig naar mij zwaaien, ik zwaaide uiteraard terug maar had geen idee wie het was. Toen Rogers zag wie het was stond hij plotseling bovenop de rem en stapte de auto uit. Wat er aan de hand was, daar had ik geen flauw benul van. Rogers was niet echt kwaad maar sprak die jongen toch op een bepaalde manier toe. Bleek het dus die boda boda chauffeur te zijn van afgelopen zaterdag. Wat zielig, kreeg hij toch nog een reprimande van Rogers. Ik vond het en beetje flauw en overdreven. It’s a small world. Rogers had de chauffeur niet gezien die zaterdag, maar wist op zondag al wie het was. En dat wist ik nou weer niet.
Nadat we dat ook weer achter de rug hadden hebben Rogers en ik nog twee huisbezoeken afgelegd. Ik hoef niet weer te vertellen hoe de meeste kinderen van ons leven. Als ik in zo’n huisje in de sloppenwijken ben, ben ik zo enorm blij dat deze kinderen bij ons op school zitten i.p.v. de hele dag rond te zwerven in de wijk met alle gevolgen van dien.
Zo’n huisbezoek is erg waardevol voor de kinderen, de ouders/verzorgers en zeker voor mij. Als ik lange tijd in Nederland ben betrap ik mij erop dat ik soms wel heel erg gemakkelijk denk dat ik kan beoordelen wat er 7.000 km moet gebeuren. Als ik dan weer in Uganda ben zie ik weer hoe het in het eggie is.
Het wordt wat ééntonig, maar het was al aardedonker voordat wij de school verlieten.

